1e zin aantredend Grootmeester

Gepubliceerd op 8 maart 2026 om 18:00

'Mijn broeders hebben mijn vertrouwen!'

Een zin die me sinds een week of zo bijblijft, de film waaruit die komt niet; iets met gladiatoren, dacht ik… Of was het een documentaire over de eerste christengemeenschappen?

Ik mijmer graag, dat u het weet… Ik neem daarvoor altijd  de tijd. Het helpt mij te ontspannen, even uit de dagelijkse snelheidswedstrijd te stappen en vanaf afstand naar het parcours te kijken. Ik weet niet precies waarom maar het maakt me bewuster van de reis.

Maar ok… Stel nu eens dat die zin 'Mijn broeders hebben mijn vertrouwen!' de eerste is die de nieuw verkozen Grootmeester op het Grootoosten 2027 zegt… Eigenlijk een heel eenvoudige uitspraak maar wel een vol symboliek, ethiek en verantwoordelijkheid.

Allereerst ‘Mijn broeders’... Voor mij verwijst dat naar hen die als ‘vrij man van goede naam’ elk voor zich en toch in verbinding met de anderen dezelfde reis - inclusief struikelblokken en stoten op het hart - naar het Licht in het Oosten maken als de aantredende Grootmeester van de Orde. Zoals hij werken ze als leerling-, gezel- en meester-vrijmetselaar dagdagelijks aan zelfkennis, inzicht en harmonie. Met het uitspreken van ‘Mijn broeders’ erkent en bevestigt de nieuw verkozen Grootmeester dat zij zich – in beginsel – voor dezelfde waarden van de vrijmetselarij inzetten. Dat schept rechte verhoudingen. Voedt broederlijke verbinding. En dus de harmonie.

'Mijn broeders hebben mijn vertrouwen!' gaat vervolgens over het soort leider de aantredende Grootmeester van de Orde van Vrijmetselaren wil zijn. Door het uit te spreken, positioneert hij zich niet als een autoritaire controleur, maar zeer duidelijk als ‘primus inter pares – de eerste onder zijn gelijken’. Door zijn broeders zijn vertrouwen uit te spreken, creëert hij ook een cultuur van zelfverantwoordelijkheid. Een, waarin broeders niet meer uit angst voor sancties correct handelen, maar uit innerlijke overtuiging. Vertrouwen - en dus ook vrijheid - in, voor en van innerlijke groei in plaats van schoffering, marginalisatie en (b)uit(en)sluiting.

Dan zijn er nog het psychologisch en filosofisch effect. Door publiekelijk vertrouwen te schenken aan zijn broeders, roept de nieuw verkozen Grootmeester van de Orde van Vrijmetselaren dat vertrouwen ook op. Broeders die weten dat zij vertrouwd worden, voelen zich ook aangesproken om dat vertrouwen waard te zijn. Filosofisch werkt dit als een ethische spiegel. Vertrouwen creëert namelijk verantwoordelijkheid, en verantwoordelijkheid verdiept de broederschap.

'Mijn broeders hebben mijn vertrouwen!'

Ik vind het werkelijk een schitterende zin voor de Grootmeester van de Orde van Vrijmetselaren die gelooft in de Wijsheid, Kracht en Schoonheid van de broederschap die hij leidt. Het drukt vertrouwen uit dat door hem en door elke broeder ook iedere dag waargemaakt moet worden. Een bevriend oudleraar Griekse taal en retorica zou de zin zeker als volgt typeren: “Het is eerder een opdracht dan een constatering.”

Nu vraag ik mij af... Zou het niet iets zijn om deze zin steevast op te nemen als 1e zin van bijvoorbeeld een ‘acceptance speech’ van een aantredende Grootmeester van de Orde van Vrijmetselaren? Zou zo'n uitspraak niet de juiste toon zetten voor de harmonie in die Orde?

Reactie plaatsen

Reacties

Kairos
een maand geleden

“Ik ben bereid, en vertrouw daarbij op de Broeders” (om samen te bouwen aan een Orde die niet alleen woorden, maar ook daden waard is.)